pittig hoor, echte poëzie!

Gisteren bezocht ik in De Balie in Amsterdam een poëzie-avond, waarbij verschillende dichters voordroegen uit eigen werk in een zogeheten bloemlezing. Het was afgelopen week de ‘Week van de Poëzie‘, en ik was door een stel meisjes uitgenodigd mee te gaan naar het onderdeel ‘Oorlogspoëzie – vrede is eten met muziek‘.

Nu moet ik zeggen dat ik weinig weet van poezie, en al helemaal geen weet had van het poezie-wereldje. Te gek om zo een gezelschap bijeen te zien. Mannen met grote grijze haardossen, veelal boven de 50, vrouwen met vierkante oorbellen en kortgeknipte koppies, en achterin de hoek wat studentes Nederlands, die ijverig mee zaten te schrijven.

De poezie zelf kon me minder interesseren, maar dat komt wellicht door het feit dat het zo weinig sexy gebracht werd (MTV-generatie he?!). De presentator had meer dan zijn uiterste best gedaan om zijn openingstekst en tussenbabbels zo mooi mogelijk uit te schrijven, maar bij het vertellen ervan wilde ik alleen maar de letter ‘P’ toevoegen aan de poster die achter hem hing, waarop de afkorting ‘SLAA’ te lezen was – de mede-organisator van deze avond.

Een dichter die het mijns inziens wel begreep, was H.H. ter Balkt, die door zijn zware, overrijpe stem, zijn woordkeuze en zijn zelfkennis (“dit is mijn 3e en laatste gedicht, daarna val ik om”) de poezie-deur naar mijn hartje heeft opengezet. Hier een gedicht van de goede man:

De eg

Een grote trom van anekdoten is de grond.
Eg aan de muur, die is daarvan ver weg.
Eg is ingescheept voor een reis die niet komt.

Mollenschrik; fetisj de opgehangen eg,
van de specie in de muur, van de stofruit
en de dakpan omlaagrollend naar de grond.

Optekenaar, dronken van grond, geen egel,
onnozele hals savonds drinkend uit de snelweg,
vluchtigheid van asfalt kleurend met tijd.

Het doet mij stilstaan te zien hoe hij
hangt of hij schommelt: een spotter
zoetjes rottend in het weer en de winden.

Hij schreef formules in de grond, halm
groeide dan hoog en groen tot je de grond
niet meer zag; eg. De grond was dan weg.

Nee geen tederheden, verbannen diepte.
Hang maar verga maar bedenk maar er
staan er meer tegen de muur, eg.

(uit: Oud Gereedschap Mensheid Moe
Amsterdam, 1976 )